Annemarie Vels Heijn

Schrijf- en denkwerk

Home Terug / Back

Tulpenboeken

Tulp Admiraal Coornhert uit het Tulpenboek in de NEHA-collectie, Amsterdam.

Vanwege de tentoonstelling Tulpenkoorts – 1636-1637 – Het ware verhaal in Museum de Zwarte Tulp in 2023 deed ik (een voorlopig) onderzoek naar ‘Tulpenboeken’. Met tulpenboeken worden boeken bedoeld met in kleur getekende afbeeldingen van tulpen, vaak voorzien van een naam. Er wordt wel gedacht dat de tulpenkoorts in 1636/37 de reden was voor het vervaardigen van die boeken, maar dat is niet erg waarschijnlijk. Veel van de boeken lijken juist na die periode gemaakt te zijn; de meeste zijn wel zeventiende-eeuws. Ook zijn ze wel beschouwd als catalogi van tulpenhandelaren, maar ook dat lijkt een misvatting. Het meest waarschijnlijk is dat het verzamelalbums waren van tulpeneigenaren die hun mooiste tulpen vereeuwigd wilden zien. Omdat in verschillende tulpenboeken dezelfde afbeeldingen van tulpen voorkomen is het ook mogelijk dat sommige albums samengesteld zijn door liefhebbers die zoveel mogelijk afbeeldingen van tulpen wilden verzamelen door afbeeldingen uit tulpenboeken te kopiëren. Kortom: er nog veel onbekend en nog veel onderzoek te doen.

Hoeveel zeventiende-eeuwse tulpenboeken zijn er bekend?

E.H. Krelage in zijn Bloemenspeculatie in Nederland (1942) noemt er 17, maar helaas is het niet mogelijk al zijn vermeldingen met hedendaagse gegevens te combineren. Volgens de website van de Wageningen University Research Library zijn er 24 bekend, maar dat wordt niet onderbouwd (waarschijnlijk kenden zij het Tulpenboek in de Collectie Six (in facsimile gepubliceerd in 2009) nog niet bij de toenmalige telling). Website Old Tulips.com noemt aantal van 42. Dat getal is waarschijnlijk afkomstig van onderzoeker Sam Segal die veel over tulpenboeken heeft geschreven en zal inclusief de niet-Nederlandse tulpenboeken zijn.

Tot nu toe (2025) heb ik gevonden:

  1. Collectie Rijksmuseum/Rijksprentenkabinet: Jacob Marrell, Tulpenboek van Francesco Gomes da Costa, inv.nr. RP-T-1950-266 [al lijkt het Rijksmuseum aan de connectie met Da Costa te twijfelen]. Met namen van tulpen en soms bedragen. Er is een hoofdstuk aan Gomes en het boek gewijd in de catalogus Tulpomanie, Dresden, 2004. Gedigitaliseerd. = Krelage 66 Fb

  2. Collectie Oak Spring Garden Library (Upperville, Virginia, VS). Codex LUS. Gegevens RKD. Maker onbekend. Gedigitaliseerd bij RKD.

  3. Collectie Noordhollands Archief. Tulpenboek, toegeschreven aan Pieter Holsteijn II. = ws Krelage 76 R. Zonder namen van tulpen. Gedigitaliseerd bij RKD. Volgens het Archief datering eind 17de/18de eeuw, dus niet van Holsteijn.

  4. Collectie Frans Halsmuseum, Haarlem. Tulpenboek dat wel het Judith Leyster-tulpenboek wordt genoemd, hoewel slechts een tekening (op bladzijde 29) van haar hand is. Met namen van tulpen. Datering ca. 1640-1700. Gedigitaliseerd maar niet op het web. = Krelage 73 N.

  5. Collectie Wageningen University Research Library. Tulpenboek Pieter Cos. Met een titelblad met de vermelding P. Cos en het jaartal 1637. Soms toegeschreven aan Jacob Marrel. De titelpagina is waarschijnlijk in de negentiende eeuw toegevoegd en die gegevens zijn dus niet te vertrouwen. Een tulpenhandelaar met de naam Pieter Cos is in de zeventiende eeuw niet bekend. Met namen van tulpen en bedragen. Gedigitaliseerd. = Krelage 60 A.

  6. Collectie Six (toegeschreven aan Jacob Marrel [lijkt wat ambitieus]). Tulpenboek, door de eigenaar het Tulpboek genoemd vanwege een veronderstelde relatie met Nicolaes Tulp. Met namen van tulpen en bedragen. Gepubliceerd in facsimile in 2009. Zestien afbeeldingen zijn identiek aan die in het Tulpenboek in het Norton Simon Museum, Pasadena (nr. 11).

  7. Collectie Lindley Library, Royal Horticultural Society Londen, Tulpenboek, toegeschreven aan Pieter Holsteijn II. Gegevens bij RKD.

  8. Privécollectie. Codex EL.. Maker onbekend. Gegevens bij RKD. Niet gedigitaliseeerd.

  9. Losse bladen verspreid. Codex KW2. Maker onbekend. Gegevens bij RKD. Gedigitaliseerd.

  10. Privécollectie, ex. coll. Dreesmann. Tulpenboek toegeschreven aan Pieter Holsteijn II. Gegevens bij RKD.

  11. Collectie Norton Simon Museum, Pasadena USA. The Great Tulip Book. Gedigitaliseerd. Aankoop 1974, herkomst nog onbekend. Met namen van tulpen en bedragen. Een deel van de afbeeldingen (o.a. Viceroy en Semper Augustus) is identiek aan die in het Tulpenboek in de Collectie Six (zie nr. 6) en het NEHA-Tulpenboek (zie nr. 12). Gedigitaliseerd.

  12. Collectie Nederlands Economisch Historisch Archief (bij IISG, Amsterdam). Collectie Tulpen, op basis van een aantekening achterin toegeschreven aan Jacob van Swanenburg, 1631 en later. Met namen van tulpen. Gedigitaliseerd. = Krelage 70 K. Zie hoofdstuk Collectie Tulpen op deze website.

  13. Collectie Koninklijke Algemene Vereniging voor Bloembollencultuur, Hillegom, Tulpenboek, 1668-1674, geen toeschrijving. Afkomstig uit de collectie Krelage. = Krelage 63 D. Op verso van de meeste bladen een naam, soms (deels) afgesneden, geen bedragen. Nog niet gedigitaliseerd.

  14. Collectie Museum Prinsenhof, Delft. Tulpenboek Brandemandus,. = Krelage 74 O. + een blad in het J. Paul Getty Museum, Los Angeles – aankoop 2020 (vermelding op internet). Met namen van tulpen. In museum gedateerd ca. 1637. Niet gedigitaliseerd.

Titelblad Tot lof der eedele tulipa. Plate 1 in Ann Goldcar, Tulipmania.

  1. Op 3 juni 1976 werd een tulpenboek Tot lof der eedele tulipa uit de collectie J.M.C. Hoog te Haarlem bij Sotheby’s geveild. = Krelage 72 M. Dat boek kwam op 13 november 1995 weer op de veiling, nu bij Christie’s Amsterdam. Volgens Goldgar is het nu in een particuliere collectie. Het bevat 124 afbeeldingen van tulpen (en daarnaast van andere bloemen). De lijst van de veiling Winckel in Alkmaar op 5 februari 1637 is in het boek overgeschreven. De afbeeldingen hebben ook bijschriften met namen (o.a. Viceroij en Admirael van der Eyck) en bedragen. De afbeelding van de Viceroij is identiek aan de Viceroij in het boek van P. Cos (zie nr. 5).

In de veilingcatalogus een aantal afbeeldingen van het boek. Ook in Segal, De tulp verbeeld, p. 24 (Spits van Spranger of Bruin Anvers). Het omslag als Plate 1 in Goldgar. Daar gedateerd ca. 1635-1640.

Volgens Krelage (p. 57) zijn Tulpenboek Cos (nr. 5) en het tulpenboek van de veiling Christie’s 1995 van dezelfde hand.

  1. Op dezelfde veiling een album met 53 tulpen, anoniem, ook afkomstig van J.M.C. Hoog, Haarlem. Waarschijnlijk gemaakt voor de Engelse markt. Datum 1666. Niet verkocht. Opnieuw geveild in 1996 (https://www.christies.com/lot/lot-tulip-album-a-manuscript-flower-album-1019420/?),. Verblijfplaats onbekend.

In 1987 beschrijft Sam Segal 56 bladen met tulpen in bezit van kunsthandel Noortman in Maastricht (Tulips by Anthony Claesz). De herkomst van de bladen wordt niet vermeld. De huidige verblijfplaats is (nog) niet bekend. Segal schrijft de bladen toe aan Anthony Claesz. op basis van een gemonogrammeerd tulpenblad in het Tulpenboek in de Lindley Library. De bladen hebben geen namen, ze zijn door Segal geïdentificeerd door vergelijking met platen in andere tulpenboeken. Opvallend is dat de set veel dubbelen bevat. De Viceroy komt 6 keer voor, steeds drie (14, 22, 33 / 19, 39, 54) zijn min of meer identiek. De Isabella drie keer (4, 9, 27). De afbeeldingen van de Laprock (26, 30, 56), de Passe Citadelle (35, 55) de Aurora (13, 18, 31) en de Blijenburgh (2, 20) zijn sterk gelijkend maar niet identiek. De Gemarmerde van Kaer komt drie keer voor (5, 16, 34), alledrie geheel verschillend van uiterlijk. De afbeelding van de Semper Augustus (40) lijkt opvallend veel op die van de Jan Gerritsz (41). Sommige benamingen wijken af van bijgeschreven benamingen elders.

Er bestaan veel losse bladen, o.a. in het Rijksprentenkabinet, in de collectie van het Teylers Museum in Haarlem, de Fondation Custodia in Parijs (Van der Ast), de Koninklijke Algemene Vereniging voor Bloembollencultuur in Hillegom, het Fitzwilliam Museum in Cambridge, Collectie de Witte Zwaan (bruikleen aan Museum de Zwarte Tulp, Lisse). Ook worden er regelmatig losse bladen aangeboden op veilingen en bij antiquairs, ook op internet. Zie o.a. afbeeldingen in Pavord, De Tulp (1999) en de catalogus Tulpomanie in Dresden (2004).

In de CollectieNieuwenhuis (bruikleen aan Museum de Zwarte Tulp, Lisse) bevinden zich vijf bladen (twee nrs.) die afwijken van de gebruikelijke weergaven. Er staan geen namen bij maar ze zijn wel geïdentificeerd, waarschijnlijk door Sam Segal. Ook in de Collectie Lefeber (Stichting Lefeber) bevinden zich vijf dergelijke bladen. Ze worden in het algemeen gezien als daterend uit de 18de eeuw. In het (met zeer veel reserve te lezen) boek Het mysterie van de tulpenschilder van Frans Willemse (zonder jaartal) worden dergelijke bladen met nog honderden andere uit een veiling van Sotheby’s in 1998 (Tulip Mania) en de bladen uit het boek van Sam Segal uit 1987 alle toegeschreven aan een nog anonieme vroeg 18de-eeuwse tulpenschilder. Willemse toont veel gekopieerde tulpenafbeeldingen. Het is mogelijk dat deze manier van tulpen afbeelden met naar binnen omkrullende bloembladeren een genre is uit de 18de eeuw.

Namen

Bij elkaar bestaan er honderden afbeeldingen van tulpen met namen. Een inventarisatie daarvan bestaat nog niet. Sommige zullen, zoals in het geval van het boek in de Collectie Six en het exemplaar bij het Norton Simon Museum in Pasadena bij o.a. de Semper Augustus, van elkaar gekopieerd zijn, maar hoe dat kopiëren in zijn werk ging, is nog niet uitgezocht (Krelage heeft het onderling kopiëren deels uitgewerkt maar zijn gegevens toepassen op de huidige gegevens is bijkans onmogelijk).

Opvallend is dat tulpen met dezelfde naam er soms heel verschillend uit zien. Zie bv. het Brandemandusboek (nr. 14) dat twee geheel verschillende afbeeldingen van de Semper Augustus heeft, naast elkaar.1

Bedragen

Slechts in een paar gevallen staan er bedragen bij de afbeeldingen: bij Cos (nr. 5), bij Six (nr. 6) en op p. 1 van Codex LUS (nr. 2) en soms bij het Marrelboek in het Rijksprentenkabinet (nr. 1). Voor zover nu te overzien, zijn die bedragen meestal ontleend aan de veiling Winckel.2 Bij Six (nr. 6) ook bedragen uit het ‘Register’ in de Derde Samenspraeck van Gaergoedt en Waermondt (Zie Van Damme, 1976), o.a. bij de Semper Augustus. Ook de boeken bij het Norton Museum Museum, Pasadena (nr. 11) en van de veiling Sotheby’s 1995 (nr. 15) hebben bedragen. In het boek in de Collectie Six (nr. 6) zijn twee papiertjes met bedragen geplakt. In elk geval lijkt het altijd om uit bronnen overgeschreven bedragen te gaan, niet om voor die tulp inderdaad betaalde bedragen. Een inventarisatie en vergelijking van alle bedragen heeft nog niet plaatsgevonden.

P. 1 in de Codex LUS (nr. 2), de rest van de tekst ontbreekt. Hier beschrijft de maker van het Tulpenboek, Jacob Marrel, dat hij de bedragen vermeldt ‘ter gedagtenis van den spoorlozen handel, daar mede gepleegt in den Jare 1635, 1636 en 1637’.

Literatuur

-Ernst H. Krelage. Bloemenspeculatie in Nederland. De Tulpomanie van 1636-’37 en de Hyacintenhandel 1720-’36. 1942.

-A. van Damme, Aanteekeningen betreffende de geschiedenis der bloembollen. 1899-1903. Herdruk 1976.

-Sam Segal, De tulp verbeeld. 1992

-Tulip Mania, catalogus van de veiling bij Sotheby’s Amsterdam, 16 juni 1998 met een inleiding van Sam Segal.

-Anna Pavord, De Tulp. 1999.

-André van der Goes (red.), Tulpomanie. Die Tulpe in der Kunst des 16. und 17. Jahrhunderts. 2004 (catalogus bij de gelijknamige tentoonstelling in Dresden).

-Anne Goldgar, Tulipmania. Money, honor, and knowledge in the Dutch Golden Age. 2007

-Nathalie Maciesza e.a., het Tulpboek. 2019.

-Henk Looijesteijn in samenwerking met Annemarie Vels Heijn, Tulpenkoorts – 1636-1637 – Mythe en werkelijkheid. 2023.


  1. Henk Looijesteijn i.s.m. Annemarie Vels Heijn, Tulpenkoorts – 1636-1637 – Mythe en werkelijkheid, 2023, p. 33.↩︎

  2. De lijst komt voor in Toneel van Flora, 1637 (Wageningen University Library, afb. Goldgar p. 302), als een los, mooi opgemaakt, ongedateerd blad in Wageningen University Research Library (afb. p. 138 bij Goldgar, afb. p. 44/45 bij Looijesteijn).↩︎