Schrijf- en denkwerk
In de jaren ’50 werkte Wim Schüller (1932-2022) bij Uitgeverij Elsevier. Daar was men een boek aan het voorbereiden over etiquette dat Levenskunst zou gaan heten. Handboek over levensvreugde, dagelijkse dingen van het leven en omgang met medemensen. Het werd in 1958 gepubliceerd en is nog steeds tweedehands te koop. In het boek kwam een uitgebreide reeks getekende illustraties maar er moesten ook foto’s in komen, onder ander ten behoeve van de uitbeelding van goede omgangsvormen. En wat handig dat er dan een nette jongeman in huis was die daarvoor model kon zijn. En zo trok Wim Schüller met ‘een meisje van kantoor’ naar het Victoriahotel om te poseren. Behalve twee foto’s van ‘hoe het niet moest’ staan er in het boek ook acht foto’s met goede manieren: de man die voorgaat in een restaurant, de stoel van de vrouw aanschuift, en de regels bij voorstellen.
Het boek heeft een (anoniem) ‘Compendium’ van 150 pagina’s vol met goede raad en een Alfabetisch gedeelte met nog meer goede raad. De tekst is anoniem maar ergens in het Compendium weet de auteur te melden dat hij een man is en in de veertig (een verschrijving?). De tekst van het boek is licht verbijsterend en lijkt wel uit de negentiende eeuw te stammen. Vrouwen bestaan kennelijk vooral als echtgenote en moeder, met een belangrijke rol als ‘gastvrouw’ en behoeder van goede zeden. Wat te denken van citaten als ’Hoe belangrijk is het dan niet [als er een einde komt aan een huwelijk], wanneer een vrouw een opleiding heeft ontvangen voor een beroep waarvoor zij aanleg bezit en dat zij reeds voor haar huwelijk uitoefende. Hierbij valt o.a. te denken aan beroepen als onderwijzeres, lerares, verpleegster, apothekersassistente, analiste en sekretaresse’. ‘Een feit is het dat de functies van werkende vrouw en moeder van jonge kinderen moeilijk te verenigen zijn.’ ‘Het verlangen van de vrouw naar eigen beroepsarbeid zal nog vaak stuiten op een weerstand van de echtgenoot, die zich aangetast voelt in zijn rol als kostwinnaar.’ Ook de omgangsvormen doen prehistorisch aan: ‘Hier [in Nederland] behoort de man altijd het eerst te groeten. Redenering: hij moet haar tonen dat hij zich haar onmiddellijk herinnert, haar het compliment bewijzen van zijn opmerkzame aandacht en zijn hoofse groet.’ (In het alfabetisch gedeelte staat dan nog een lemma over hoed afnemen). Het lemma ‘Werkende vrouw’, beslaat een pagina met opmerkelijke teksten over onder andere gedrag en kleding: ‘De werkende vrouw die carrière wil maken, zal haar volle interesse aan haar werk moeten geven, maar daarnaast dient zij zich steeds van haar vrouw-zijn bewust te blijven.’ ‘Met machtsvertoon verliest zij altijd sympathie, vooral ook, wanneer zij te maken heeft met mannelijke ondergeschikten, wie het uiteraard vaak moeilijk valt een vrouwelijke chef te accepteren. Bekwaamheid en tact kunnen haar hierin helpen, bijv. door een man nimmer een rechtstreeks bevel te geven, maar hem te verzoeken een opdracht uit te voeren’. Ook staan er kledingadviezen in: ‘de werkende vrouw die ook maar enigermate een belangrijke functie heeft, dient echter kousen te dragen [ook in de zomer]’. Bijzonder geïnteresseerd was ik in het lemma ‘Teen-Ager-Kleding’ omdat ik toen, in 1958, zo’n teenager was: ‘Vaak wil zij (de teenager) opvallen door ongebruikelijke kleurcombinaties, door het dragen van kleren die haar absoluut niet flatteren en die een vrouw met goede smaak nimmer bij elkaar zou dragen.’ ‘Wanneer de moeder goed smaak bezit, zal zij ongemerkt de teen-ager kunnen bewaren voor excessen en haar goede smaak ontwikkelen; dwang en kritiek prikkelen echter tot verzet.’
Mijn ouders hadden het boek, vooral vanwege de nuttige informatie over manieren van aanschrijven, gebruik van titels en het volgens de regels dekken van een tafel. Ik neem aan dat ze het niet van cover-to-cover hebben gelezen. Maar dankzij Levenskunst was Wim Schüller al bij ons in huis voordat ik hem bijna twintig jaar later zou leren kennen.
2025